5. Filips over chatten woensdag, Feb 20 2008 

Een paar dagen geleden had ik een verwant van de Engelse gezant over de vloer. Hij wilde eerst niet zeggen, hoe hij heette. Maar ja, dan ben je bij mij aan het verkeerde adres. Nog steeds sluit ik niet uit, dat het een spion was. Hoewel, je zou toch denken, dat redelijk bevriende mogendheden ten opzichte van elkaar open kaart spelen. Edoch, ik moet toegeven, dat, áls het al een spion was, het er dán een was met gevoel voor – Engelse? – humor. Luistert!  

Ik gaf hem, zoals een Bourgondisch gastheer dat betaamt, een uitgebreide rondleiding door mijn onderkomen. Hij bleek zeer geïnteresseerd in de keuken, want hij zei, dat de Bourgondische kookprestaties in bepaalde Engelse kringen inmiddels een goede naam hadden. (Of zegt dat meer iets over de gangbare Éngelse smaak?) Toen hij echter al te nieuwsgierig onder allerlei dekseltjes begon te kijken en er bovendien naar mijn inzicht te veel halfgare stukjes vlees in zijn mond verdwenen, waartegen een van de kokkinnen onder het slaken van merkwaardige kreetjes begon te protesteren, begeleidde ik hem op hoffelijke wijze door het gat van de deur en vervolgden we onze weg.

Aan het eind van de gang zie je links de deur naar de kinderkamer. Daar kom ik vaak, want een vorst draagt niet alleen verantwoordelijkheid jegens zijn volk, maar natuurlijk ook voor zijn eigen vrouw en kinderen. Mijn echtgenote voelt zich daarbij weleens in de weg gelopen, maar ik ben van mening, dat ook vaders hun plaats moeten innemen in de opvoeding van hun kroost.

À propos! We gingen daar naar binnen. Wat wij echter niet wisten, was, dat kennelijk ook zijn twee kindertjes door ons personeel in die kamer onder waren gebracht om met de mijne te kunnen spelen – mochten ze dat willen. Omdat er ook in die kamer een paar zeldzame en kostbare voorwerpen staan die beter buiten het bereik van grijpgrage, onderzoekende kinderhandjes en kindermondjes kunnen blijven, was ik ooit op het idee gekomen om een gedeelte van de kamer af te schermen met een hekwerkje. Daarbinnen in hun territorium rolden onze kleintjes enthousiast over elkaar heen, intussen honderduit woordflarden brabbelend en kraaiend van plezier. Het was overduidelijk, dat ze dolle pret hadden, maar er was geen woord van te verstaan. Ik zag mijn gast genieten van de chaos. “Dat krijg men, als men wat ouder wordt”, schreeuwde ik hem in zijn oor, “we gaan de hoge tonen missen”. “Ja”, antwoordde hij, “gaat UEdele er maar vanuit, dat met de jongere generatie ook de taal en de omgangsvormen zullen veranderen. Trouwens,” voegde hij er grinnikend aan toe, “weet U, hoe wij in onze gebieden zo’n voor de kleintjes afgeschermd kamergedeelte noemen? Een CHATBOX!!!”

 

Een chatbox? 

Gierend van de lach “stolperten” – mooi Duits woord, vind ik – wij de kamer uit op weg naar de serre voor ons eerste glas wijn. Ik heb nu nog last van mijn kaken. Of dat komt door het lachen of door het taaie vlees, dat we ’s avonds voorgezet kregen? Joost mag het weten.     

Nota bene!

FILIPS.

Advertenties

4. Filips en zijn rijk zaterdag, Feb 16 2008 

Wat doe je met zo’n positie als de mijne: hertog van een gebied, in het westen grenzend aan Frankrijk en aan de andere kant aan dat wat sommigen al, weliswaar onofficieel, het Heilige Roomse Rijk noemen – die verzameling vorstendommetjes waarvan het grootste deel zich pas ver, heel ver na mijn tijd zou verenigen tot wat in jullie tijd Duitsland heet.    

Ik zat voortdurend te broeden op mogelijkheden om links en rechts meer te vertellen te krijgen: wanneer men zich in een benarde positie bevindt, is aanvallen vaak de beste verdediging. Er is natuurlijk altijd een reden te bedenken om oorlog te voeren, maar het is ook altijd prettig om over alternatieven te beschikken, als je je gebied wilt uitbreiden. Na rijp beraad verzon ik een list.

Bij Zwitserland ligt een gebied dat jullie “de Franche-Comté” noemen. Maar in onze tijd staat het bekend als “het graafschap Bourgondië” – niet te verwarren, beste 21-eeuwse nieuwsgierigen, met mijn hertogdom Bourgondië. Dat graafschapje zou natuurlijk gewoon bij ons moeten horen. Het was weliswaar onderdeel van het Heilige Roomse Rijk, maar in het bezit van de graaf van Vlaanderen, Lodewijk II van Male. Ik besloot mijn stoutste schoenen aan te trekken en hem om de hand van zijn dochter te vragen. Hij stemde toe, want als het er op aan komt, ben ik niet krenterig: zijn schatkist werd wat voller, de mijne wat leger, maar zijn dochter Margaretha, inmiddels mijn vrouw geworden, zou bij zijn overlijden Vlaanderen van hem erven en alles wat daar nog bij hoorde. Mijn garantie voor de toekomst!

 Margaret of Dampierre, Countess of Flanders

Margaretha van Male (1350-1405)

Bovendien, toen mijn vader in 1364 stierf, werd hij als koning van Frankrijk opgevolgd door mijn oudste broer die als koning Karel V de geschiedenisboeken in zou gaan. Toen deze in 1380 overleed, was zijn zoontje nog maar twaalf jaren jong. Ik greep mijn kans en wist mij op te werpen als hoofd van de voogdijraad. Maar ja, ook Kareltje VI werd groot en onthief ons in 1388 van onze functie. Een paar jaar later echter raakte hij geestelijk zodanig in de war, dat ik hem, nu als regent, weer de helpende hand moest toesteken. Zo was ik dus een beetje koning van Frankrijk. Ik moest er overigens wel voor zorgen, dat ik geen al te grote problemen met Engeland kreeg, want dat was voor ons Vlaanderen een handelspartner van vitaal belang. (Zo noemen jullie dat toch?) Dat lukte zelfs beter dan ik had gedacht: er werd een vrijhandelsovereenkomst gesloten tussen Vlaanderen en Engeland! Ja, ja, zulks al aan het eind van de veertiende eeuw.

Zo had ik inderdaad hier en daar wat in de melk te brokkelen gekregen. Het gevolg van zoiets is natuurlijk wel, dat je voortdurend dan weer hier en dan weer daar moet zijn. Maar paardrijden vind ik prachtig en bovendien: reizen houdt je jong, een vliegende vogel vangt altijd wat en wie ver reist, kan veel verhalen.       

Nota bene!

FILIPS.

3. Filips over zijn afkomst woensdag, Feb 13 2008 

Alvorens, beste schermkijkers, ik verder ga uitweiden over mijn leven en de periode daarna, volgt nu eerst een opsomming van mijn voorouders  tot aan Karel de Grote, koning en keizer der Franken.

 Karel de Grote zoals voorgesteld in de 19de eeuw

Karel de Grote (742 ? – 814)

Mijn vader, koning Jan II “de Goede” van Frankrijk, is geboren in het Château de Gué-de-Maulin in het jaar 1319 van onze jaartelling. Hij sterft in Londen in 1364. Hij was een zoon van koning Filips VI van Frankrijk (1293-1353), die een zoon was van graaf Karel van Valois (1270-1325), die een zoon was van koning Filips III van Frankrijk (1245-1285), die een zoon was van koning Lodewijk IX “de Heilige” van Frankrijk (1215-1270), die een zoon was van koning Lodewijk VIII “de Leeuw” van Frankrijk (1187-1226), die een zoon was van koning Filips II August van Frankrijk (1165-1223), die een zoon was van koning Lodewijk VII van Frankrijk (1120-1180), die een zoon was van koning Lodewijk VI “de Dikke” van Frankrijk (1081-1137), die een zoon was van koning Filips I van Frankrijk (1052-1108), die een zoon was van koning Hendrik I van Frankrijk (1008-1060), die een zoon was van koning Robert II “de Vrome” van Frankrijk (972-1031).

U merkt het, we komen in de buurt. We gaan door: Koning Robert II “de Vrome” van Frankrijk, die leefde van 972 tot 1031 na de geboorte van Christus – want zo tellen wij de jaren – was een zoon van koning Hugo Capet van Frankrijk (940-996), die een zoon was van Hugo de Grote, hertog der Franken en graaf van Parijs, die leefde van 895-956), die een zoon was van Robert I van Bourgondië, graaf van Tours en koning van West-Francië, geboren in 865 en in het jaar 923 in Soissons gedood in een duel,  en van diens echtgenote Beatrix van Vermandois (880-931), die een dochter was van graaf Herbert I van Vermandois (850-902), die een zoon was van Pippijn van Parijs (geboren in 815 en waarschijnlijk na 936 overleden), die een zoon was van koning Bernard van Italië (ca. 797 – 818), die een ongeëchte zoon was van koning Pippijn van Italië (ca. 775 -810) die aanvankelijk Karloman heette. Deze Karloman, later Pippijn genoemd, was een zoon van de grote Karel, de beroemde koning en keizer der Franken, over wie zovelen zoveel hebben verhaald. Hij was volgens velen geboren in het jaar 742 in Jupille aan de Maas, in de buurt van de stad Luik, werd in het jaar 800 door de Paus in Rome tot keizer gekroond en stierf in 814 in zijn stad Aken. 

Dit is het geslachtsregister van mij, Filips “de Stoute”, prins van Frankrijk, hertog van Bourgondië. Het aantal generaties is eenentwintig, als ik mijzelf meereken en als ik mij niet vergis.

Nota bene!

FILIPS.

2. Filips over RSS-feeds woensdag, Feb 13 2008 

Beste lezers:

Zojuist heb ik, Philippe, prince de France, via mijn tijdvenster vernomen hoe mijn contactpersoon uit de 21e eeuw in opdracht van zijn werkgever RSS-feeds heeft aangemaakt. Ik zou daar niet van hebben durven dromen. Wij houden ons vooral bezig met het zwaaien met zwaarden en het zinnen op wraak op aantastingen van onze eergevoelens. Ik zou wel eens willen weten hoe jullie zouden reageren, als ik mij zwaaiend met mijn “Excalibur après la lettre” via de deur of het raam jullie werkruimte zou betreden onder het uitroepen van “Vae victis!” Ja, inderdaad, het is niet te geloven: mijn leraar Latijn was een verre nazaat van Alcuinus, de leraar van Charlemagne zelf.

 

“Excalibur”, het allesoverwinnende zwaard van koning Arthur

U ziet, wij beschikken in onze tijd misschien over minder verschillende communicatiemiddelen, maar het intermenselijke contact vindt op een directere manier plaats. Het mooie daarvan is, dat wij meer oogcontact hebben en dat meningsverschillen op zeer primaire wijze uit de wereld worden geholpen. Wat bedoelen jullie toch met de term “poldermodel“?         

FILIPS.

1. Filips de Stoute (1342-1404) : een levensbericht woensdag, Feb 6 2008 

(Bericht van de redactie: dit levensbericht wordt voorlopig regelmatig aangevuld. Laatste wijziging: zie kalender links op deze pagina.)  

—————————————————————————————— 

Aan al degenen die dit weblogboek openen: 

Wel, beste eenentwintigste-eeuwers, daar ben ik dan!

Filips de Stoute

Filips “de Stoute” (1342-1404)

Ik wist wel, dat jullie me niet met rust zouden laten.  

Ik zal mij even voorstellen, nu ik hier toch ben. Wel zo netjes.

Mijn naam is Filips. Ik ben geboren (in 1342) als de jongste zoon van de koning van Frankrijk. Helaas kom ik daardoor niet in aanmerking voor de troonopvolging. Nee, daarvoor is mijn oudste broer Karel in de wieg gelegd. Maar … mijn pa heeft iets bedacht. Ik krijg van hem Bourgondië te leen. Ach ja, dat soort dingen kunnen gebeuren. Wat ik er mee moet? Geen idee! Maar ik bedenk wel iets. Ik ga er maar vanuit, dat mijn schatkistje er wel bij zal varen.

Kijk, hier is een portret van mijn pa, koning Jan II. Wij, zijn kinderen, vinden hem eigenlijk niet zo knap,  maar mijn moeder, afkomstig uit Luxemburg, kan wel met hem leven. Samen kregen ze uiteindelijk elf kinderen, waarvan er vier maar kort hebben geleefd.   

 Jan II

Jan II “de Goede” (1319-1364)

Ik zal eens wat vertellen! Ooit werd ik in een veldslag – ja, een met die beroerde Engelsen – strijdend aan de zijde van mijn vader gevangen genomen. We werden overgebracht naar Londen. Eigenlijk werden we daar wel redelijk behandeld. Maar toen mijn vader, toch niemand minder dan de koning van Frankrijk, nogal grof werd beledigd door één van die Engelse ridders, kon ik me niet inhouden en gaf hem een klap voor zijn kanis. Dat vond men kennelijk erg stoutmoedig van zo’n belhamel, want sindsdien noemt men mij “De Stoute“. Respect! Ik ben wel trots op die naam.

Nota bene!

Overigens heb ik laatst toch iets gehoord! Maar daarover een andere keer.

——————————————————————————————

Latere ervaringen volgen misschien. Want ik heb begrepen, dat er ook onder jullie nog mensen zijn die willen weten, hoe het er in lang vervlogen tijden aan toe ging.

Au revoir et relire!

PHILIPPE.